De Tilburgse Kermis

Het is weer zover, gisteren is de Tilburgse Kermis weer begonnen. Zoals iedereen weet, de grootste van de Benelux. (Waarschijnlijk ook een van de duurste.) Dus voor iedereen die van zijn geld af moet, je weet waar je moet zijn. Tien dagen lang is de binnenstad praktisch afgesloten, hoor je overal “herrie” en komt de geur van oliebollen, suikerspinnen, poffertjes en ander kermisvoer ongevraagd je neus binnen.

Ieder jaar zeg ik tegen mezelf: ‘Ik sla dit jaar maar eens over.’ Het is te duur, te druk en te ongezond. Maar ik zou geen echte Tilburgse zijn als in de weken vooraf het toch niet gaat kriebelen. Dus rijd ik voorafgaand toch maar even over het terrein om naar de opbouw te kijken en sla ik de speciale kermis krant nog een keertje open.
Mijn moeder en ik hebben de traditie om op de eerste avond van de kermis poffertjes te gaan eten. Dit jaar hadden we allebei zoiets van ach laten we het maar niet doen. Zij is toch al niet meer zo goed ter been en om nou te zeggen dat ik echt een grote poffertjes fan ben, nou niet echt. En daar zaten we gistermiddag bij mij thuis. ‘Wat eet jij vanavond?’ ‘Geen idee, jij?’ We kijken elkaar aan en we weten genoeg, die avond zitten we toch weer in de poffertjeskraam en als we er dan toch zijn, laten we dan maar meteen even doorlopen naar de schiettent. Dus ook dit jaar is het me niet gelukt om de Kermis te mijden.

Mijn favoriet is toch al jaren het vliegbommenspel op de nostalgische kermis. Het is heel simpel, je drukt op een knopje en er valt een pijltje naar beneden. Wie dan de hoogste score heeft, heeft gewonnen.
Het mooie van het hele spel is, het is maar 80 cent. Ik moet er wel bij zeggen dat het enigsinds verslavend kan zijn. Dus mocht je deze week nog naar de kermis komen. Dan weet je mij te vinden.