Ja hoor, daar zijn ze weer. De vlinders in mijn buik. Er is blijkbaar niet veel voor nodig. Een mooie stem, een goed gesprek en daar ga ik weer. Niet dat ik aan niets anders meer kan denken of dat ik echt de weg kwijt ben, maar gewoon die kleine kriebels die daar beneden in je buik rond zoemen. En dit keerĀ zijn het een paar ogen die de weer tot leven wekten.

Ik wist dat ze er zaten, ze waren zeker niet nieuw. Het zat er ook al een tijdje aan te komen, ik voelde het groeien, maar nu zijn ze uit hun coconnetjes gekropen en een feestje aan het bouwen achter mijn navel. Ze fladderen maar rond, dronken en opgewonden. Vallen tegen de wanden en paaldansen rondĀ mijn eierstokken. Ze hebben er zin in.
Ik kan ze wel proberen tegen te houden, zeggen dat ze zich rustig moeten gedragen. Maar ja, het zijn net pubers, die vlinders in mijn buik. Dus ik laat ze maar even begaan, dan kunnen ze hun energie kwijt. Ik zet een plaat van Elvis op en ik feest lekker met ze mee.